ITEM METADATA RECORD
Title: De bewijslast in het licht van de dynamiek van de procedure
Authors: Vandenbussche, Wannes # ×
Issue Date: 20-Mar-2014
Conference: Interuniversitair Centrum voor Gerechtelijk Recht: Colloquium Bewijsrecht location:Antwerpen date:20 March 2014
Abstract: In 1962 schreef M. STORME in de inleiding van zijn proefschrift: “in tal van geschillen ondervinden de rechtspractici bijna dagelijks dat de bewijslast zeer ernstige problemen kan stellen.” In 2014 heeft die uitspraak nog niets van zijn geldingskracht verloren en zijn discussies omtrent de bewijslast nog steeds alomtegenwoordig in het Belgische recht. Op het eerste gezicht is dat verwonderlijk, omdat de wettelijke regels inzake de bewijslastverdeling een duidelijke indruk geven. Op basis van art. 1315 BW moet hij die de uitvoering van een verbintenis vordert, het bestaan daarvan bewijzen (‘actori incumbit probatio’). Omgekeerd moet hij die beweert bevrijd te zijn, het bewijs leveren van de betaling of van het feit dat het tenietgaan van zijn verbintenis heeft teweeggebracht (‘reus in excipiendo fit actor’). Luidens art. 870 Ger.W. moet iedere partij het bewijs leveren van de feiten die zij aanvoert (‘Onus probandi incumbit ei qui dicit’). Een verdere beschouwing leert ons echter dat het de concrete toepassing is van het wettelijk kader dat aanleiding geeft tot grote debatten in de rechtsleer en vele uitspraken van de hoven en rechtbanken. Eén van de meest heikele punten in die discussie is de vraag of de bewijslast een statisch gegeven is dan wel of die steeds opnieuw moet worden beoordeeld in het licht van de dynamiek van de burgerlijke procedure.
Publication status: published
KU Leuven publication type: AMa
Appears in Collections:Institute for the Law of Obligations
× corresponding author
# (joint) last author

Files in This Item:

There are no files associated with this item.

 


All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.