ITEM METADATA RECORD
Title: De weg naar het zorgtraject: implementatie van het zorgtraject chronische nierinsufficiëntie in de huisartsenpraktijk
Authors: Vercammen, Willem
Bogaert, VIncent
Schoenmakers, Birgitte # ×
Issue Date: 2013
Publisher: Domus Medica
Series Title: Huisarts Nu
Abstract: Context: Chronische nierinsufficiëntie vormt een toenemend probleem voor de volksgezondheid. Het is cruciaal om de zorg voor patiënten met chronische nierinsufficiëntie te optimaliseren. Dit dient te gebeuren om verdere achteruitgang van de nierfunctie te vertragen, om de gevolgen van chronische nierinsufficiëntie te voorkomen en om de geassocieerde cardiovasculaire mortaliteit te verminderen. Omwille van de nood aan een multidisciplinaire aanpak en goede opvolging van dit probleem werd vanaf 1 juni 2009 het zorgtraject chronische nierinsufficiëntie ingevoerd. Aangezien in onze praktijk eind 2010 echter zeer weinig zorgtrajecten waren afgesloten, wordt in deze studie onderzocht of een oproepingsbrief een geschikt hulpmiddel is om meer patiënten te includeren in het zorgtraject. Via deze brief worden geselecteerde patiënten actief uitgenodigd om een zorgtraject chronische nierinsufficiëntie af te sluiten.
Onderzoeksvraag: Deze studie onderzoekt de effectiviteit en de haalbaarheid van een patiëntenbrief waarmee patiënten, die voldoen aan de inclusiecriteria, worden opgeroepen om een zorgtraject chronische nierinsufficiëntie af te sluiten. De effectiviteit wordt onderzocht door enerzijds de respons op de oproepingsbrief te meten en anderzijds door na te gaan of er na drie maanden een significant betere opvolging is voor deze patiëntenpopulatie. De haalbaarheid van de oproepingsbrief vanuit huisartsenstandpunt wordt getest via een semigestructureerde enquête bij collega-huisartsen.
Methode: De geselecteerde patiëntenpopulatie omvat patiënten tussen 18 en 75 jaar die minstens eenmalig een GFR vertonen die lager is dan 45ml/min/1.73m², gemeten tussen 1/1/2008 en 1/1/2011. De primaire uitkomstmaat die geregistreerd wordt ter investigatie van de effectiviteit van een patiëntenbrief is de responsratio op de brief. Ook de responsratio’s op drie vervolgconsulten na het eerste consult worden geregistreerd. Tijdens deze vervolgconsulten worden de praktische en administratieve stappen in het opstarten van het zorgtraject op een gestructureerde manier besproken. De secundaire uitkomstmaten voor de effectiviteit van een patiëntenbrief zijn de resultaten uit het laatste opvolgconsult, drie maanden na start van de studie. Er wordt onderzocht of de patiënten de adviezen opgevolgd hebben die ze in het begin hebben meegekregen. Er wordt eveneens onderzocht of drie maanden na de start van het zorgtraject bij deze patiënten reeds veranderingen kunnen aangetroffen worden in hun levensstijl en in hun klinische of biochemische parameters. De haalbaarheid van een patiëntenbrief wordt getoetst via een semigestructureerde enquête bij collega-huisartsen. Via deze enquête wordt eveneens onderzocht in welke mate huisartsen al vertrouwd zijn met het zorgtraject.
Resultaten: Van de 26 geselecteerde patiënten reageren er 16 (62%) op de oproepingsbrief. Uiteindelijk wordt bij 13/26 (50%) patiënten een zorgtraject afgesloten. 11/13 patiënten bij wie een zorgtraject wordt opgestart komen op controle na drie maanden. Een bloeddrukmeter wordt door 11/11 patiënten aangeschaft. Een voorschrift diëtetiek wordt door 3/11 patiënten benut. 10/11 patiënten laten een griepvaccin toedienen en 4/11 patiënten worden gevaccineerd tegen pneumococcen en hepatitis B. Bij geen enkele van de 11 patiënten wordt tabaksabusus of overmatig alcoholgebruik vastgesteld. Slechts bij 1/11 patiënten is er een lichte toename van de fysieke activiteit. Het gewicht blijft stabiel bij 10/11 patiënten en slechts 1/6 patiënten met overgewicht of obesitas slaagt erin te vermageren. 2/11 patiënten hebben hypertensie, terwijl dit aantal initieel 6/11 bedroeg. Aanvankelijk is de nierpathologie bij 5/11 patiënten gekend. De onderzoeksperiode is te kort om significante verschillen in de biochemische parameters waar te nemen. Bij 40 huisartsen wordt gepeild naar de haalbaarheid van een oproepingsbrief vanuit huisartsenstandpunt. 58% van de artsen beschouwt de brief als haalbaar. De haalbaarheid lijkt niet beïnvloed te worden door de leeftijd van de arts, noch door de praktijksamenstelling of door de praktijkgrootte. 51% van de artsen beschouwt de brief als een nuttig instrument. Daarnaast wordt vastgesteld dat 57% van de artsen 10 of meer patiënten heeft die in aanmerking komen voor het zorgtraject chronische nierinsufficiëntie. De meerderheid van de artsen (55%) heeft tot op heden slechts een beperkt aantal (1 à 5) zorgtrajecten afgesloten, ondanks een voldoende aantal kandidaat-patiënten.
Conclusies: Uit dit onderzoek blijkt dat het versturen van een oproepingsbrief een efficiënt hulpmiddel is bij het includeren van patiënten in het zorgtraject chronische nierinsufficiëntie. Een kleine meerderheid van de ondervraagde artsen beschouwt een oproepingsbrief als een haalbaar en nuttig instrument voor de praktijkvoering. De artsen die het versturen van een patiëntenbrief niet haalbaar vinden, geven meestal de voorkeur aan een meer persoonlijke aanpak van het probleem tijdens consultatie, zonder voorafgaande oproeping. Niettegenstaande chronische nierinsufficiëntie een toenemend probleem vormt voor de volksgezondheid en de meeste artsen zich hiervan bewust zijn, wordt er voorlopig nog onvoldoende gebruik gemaakt van het zorgtraject om de multidisciplinaire zorg voor deze patiënten te optimaliseren.
ISSN: 0775-0501
Publication status: accepted
KU Leuven publication type: AT
Appears in Collections:Academic Center for General Practice
× corresponding author
# (joint) last author

Files in This Item:

There are no files associated with this item.

Request a copy

 




All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.