ITEM METADATA RECORD
Title: Evaluatie van de CELF-4-NL bij slechthorende kinderen
Authors: Boons, Tinne
Van Wieringen, Astrid
De Raeve, Leo
Peeraer, Louis
Weymans, Marja
Wouters, Jan #
Issue Date: 11-Dec-2009
Conference: VVL Congres edition:31 location:Wilrijk, Belgium date:11 December 2009
Abstract: Inleiding:
De mondelinge taalvaardigheden van slechthorende kinderen worden geëvalueerd aan de hand van bekende en veel gebruikte taaltests voor normaalhorende kinderen zoals de TvK en de TAK. Sinds kort is er ook een voor het Nederlands vertaalde en aangepaste versie van de CELF ter beschikking. De release van deze volledig nieuwe taaltest was de aanzet tot een evaluatie ervan bij een specifieke doelgroep; namelijk slechthorende kinderen.
Methode:
Er namen tien slechthorende kinderen deel aan het onderzoek. De proefgroep bestond uit vijf kinderen met een cochleair implantaat (CI) (waarvan twee bilateraal) en vijf kinderen die een hoortoestel droegen (waarvan vier bilateraal). De chronologische leeftijd van de deelnemers was 07;00j (M=07;02j, SD=0;06j) en de hoorleeftijd bedroeg 05;06j (M=05;06j, SD=0;09j). Alle kinderen gingen naar een school voor buitengewoon onderwijs type 7.
Er werden bij alle deelnemers twee taaltests afgenomen; de CELF-4-NL en de TAK. Van de CELF-4-NL werden 10 subtests gebruikt waarmee zowel de kernscore als vier indexscores berekend konden worden. In het kader van de jaarlijkse follow-up werden binnen de schoolse setting acht subtests van de TAK afgenomen. Beide taaltests werden zuiver verbaal aangeboden en gescoord; er werd geen gebruik gemaakt van ondersteunende gebaren. De resultaten werden kwantitatief en kwalitatief geanalyseerd en er werd nagegaan in hoeverre beide tests een congruent beeld gaven van de taalvaardigheden.
Resultaten:
Uit de analyses van de kern- en indexscores van de CELF-4-NL bleek dat de scores varieerden van zeer zwak tot laaggemiddeld. Slechts twee kinderen haalden op één index een score die boven percentiel 25 lag. Niemand overschreed percentiel 50. Tussen de indexscores onderling konden geen significante verschillen vastgesteld worden. Het gemiddelde en de spreiding waren voor alle indexen vergelijkbaar.
Wanneer de scores op de subtests geanalyseerd werden, bleek de variatie groot te zijn, zowel binnen de subtests als tussen de subtests onderling. Op de onderdelen ‘woordcategorieën receptief’ (M=10.3, SD=2.4) en ‘actieve woordenschat’ (M=7.5, SD=2.5) werden de beste resultaten behaald. De zwakste resultaten waren terug te vinden op de subtests ‘zinnen herhalen’ (M=3.9, SD=1.7) en ‘begrippen en aanwijzingen volgen’ (M=4.5, SD=2.8).
Verder werden de resultaten van vier analoge subtests van de CELF-4-NL en de TAK met elkaar vergeleken. Beide tests gaven congruente resultaten weer, hoewel een trend gevonden kon worden voor lagere scores op de CELF-4-NL dan op de TAK.
Ten slotte werd er noch met de CELF-4-NL, noch met de TAK een significant verschil gevonden tussen de taalvaardigheden van de groep kinderen met een CI en de kinderen met hoortoestellen.
Conclusie / Discussie:
Algemeen kan uit een vergelijking van de resultaten op de subtests van de CELF-4-NL een uitgebreide variatie weerhouden worden. De subtests met de zwakste scores zijn diegene waarbij het auditief geheugen een grote rol speelt. Specifieke doelgroepen, zoals slechthorende kinderen, tonen vaak een uniek taalbeeld waarvoor aangepast testmateriaal een meerwaarde kan zijn. Op die manier zou de invloed van de auditieve beperking op de resultaten geminimaliseerd kunnen worden en kan doelgerichter geëvalueerd worden.
Publication status: published
KU Leuven publication type: AMa
Appears in Collections:Research Group Experimental Oto-rhino-laryngology
Research Group for Musculoskeletal Rehabilitation
Health Care and Chemistry Department - Geel Campus - TM K
# (joint) last author

Files in This Item:

There are no files associated with this item.

 


All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.