ITEM METADATA RECORD
Title: Binaural and spatial hearing in children with bilateral cochlear implants
Other Titles: Binauraal en ruimtelijk horen bij kinderen met bilaterale cochleaire implantaten
Authors: Van Deun, Lieselot
Issue Date: 27-Oct-2009
Abstract: Cochleaire implantaten (CI) worden succesvol toegepast bij volwassenen e n kinderen met een ernstig gehoorverlies om hun gehoorfuncties gedeeltel ijk te herstellen via elektrische stimulatie van de gehoorzenuw. Doorgaa ns vindt implantatie slechts aan één kant plaats. Echter, bepaalde audit ieve taken, voornamelijk in moeilijkere luisteromstandigheden, vereisen de integratie van geluiden die aan beide oren worden opgevangen (binaura al horen). Horen met twee oren maakt het mogelijk om de ruimtelijke aspe cten van geluiden waar te nemen. De mate waarin bilaterale implantatie b inaurale en ruimtelijke gehoorfuncties kan herstellen is nog onvoldoende inzichtelijk. Bovendien kunnen resultaten anders zijn voor kinderen met congenitaal of vroeg verworven gehoorverlies dan voor volwassenen die o p latere leeftijd doof werden. Het is mogelijk dat een functioneel gehoo r in de eerste levensjaren vereist is voor de ontwikkeling van het binau rale auditieve systeem. Belangrijke vragen zijn of elektrische stimulati e deze ontwikkeling ondersteunt en wat hierbij de invloed is van leeftij d van implantatie. In 2003 financierde de Belgische ziekteverzekering (R IZIV) een tweede implantaat voor 42 kinderen met een leeftijd tussen 2.5 en 12 jaar. Deze unieke groep maakte het mogelijk om, in samenwerking m et vijf implantatiecentra in Vlaanderen en Brussel (UZ Leuven, UZ Antwer pen, MISA Antwerpen, UZ Gent en CU Saint-Luc Brussel), de voordelen van bilaterale implantatie bij kinderen te meten. Het doel van de huidige th esis was om de mogelijkheden tot het waarnemen van binaurale cues (voorn amelijk interaurale tijdsverschillen of ITDs en interaurale intensiteits -verschillen of ILDs) en ruimtelijk horen bij deze kinderen in kaart te brengen. Om een betrouwbare beoordeling te kunnen maken van de auditieve vaardigh eden van de kinderen werden testprocedures aangepast aan hun interesse e n aandachtsspanne. Tests voor geluidslokalisatie, geluidslateralisatie, binaurale signaaldetectie (binaural masking level differences of BMLDs) en spatiaal spraakverstaan in ruis werden ontwikkeld en geëvalueerd met normaalhorende kinderen tussen 4 en 9 jaar. Deze studies toonden aan dat de aangepaste procedures haalbaar zijn vanaf de leeftijd van 4-5 jaar e n gaven inzicht in de normale ontwikkeling van binaurale en ruimtelijke gehoorfuncties. Bepaalde auditieve vaardigheden bleken verworven te zijn op de leeftijd van 5-6 jaar. Enkel ITD drempels in de lateralisatietaak waren enigszins verhoogd voor 9-jarigen ten opzichte van volwassenen. S ommige kinderen van 4 jaar presteerden op een lager niveau op alle tests , wat vermoedelijk verklaard kan worden door een ontwikkeling in zowel a uditieve als niet-auditieve (zoals aandacht en taakbegrip) domeinen. Binaurale en ruimtelijke voordelen bij kinderen met bilaterale CI werden gemeten via twee benaderingen. Ten eerste werden geluidslokalisatie en spraakverstaan gemeten in het vrije veld, waarbij kinderen de eigen, kli nische spraakprocessoren droegen, zodat hun auditieve vaardigheden in al ledaagse omstandigheden bepaald konden worden. De meerderheid van de kin deren behaalde een matige tot goede score op de lokalisatietest, maar ee n grote interindividuele variabiliteit werd vastgesteld. Vroege aanpassi ng van hoorapparaten of cochleaire implantaten had een gunstige invloed op het lokalisatievermogen. Het spraakverstaan verbeterde als gevolg van het tweede CI, maar de voordelen waren beperkt. Zowel lokalisatie als r uimtelijke voordelen bij het verstaan van spraak werden vermoedelijk tot stand gebracht door hoofdschaduweffecten. In een tweede fase van het on derzoek werden BMLD tests afgenomen met gecontroleerde elektrische stimu latie. In deze studie werden technische beperkingen in de klinische spra akprocessoren omzeild, om de intrinsieke gevoeligheid van de kinderen vo or binaurale cues te bepalen. Betere detectie van een signaal in ruis da nkzij een interaurale vertraging werd aangetoond voor zowel stimulatie o p één kanaal van het CI als voor stimulatie op drie aanliggende kanalen. Deze bevindingen zijn veelbelovend en zullen leiden tot verder onderzoe k naar binaurale signaaldetectie voor spraakachtige signalen en uiteinde lijk binauraal spraakverstaan. Op die manier wordt de kloof gedicht tuss en gedragsmatige prestaties op binaurale detectietaken enerzijds en gene ralisatie naar binaurale perceptie van spraak in ruis in het dagelijks l even anderzijds. De huidige en toekomstige experimenten zullen leiden to t een beter begrip van hoe binaurale gevoeligheid ondersteund kan worden bij kinderen en volwassenen met CI en kunnen implicaties hebben voor de ontwikkeling van toekomstige spraakprocessoren.
Publication status: published
KU Leuven publication type: TH
Appears in Collections:Research Group Experimental Oto-rhino-laryngology

Files in This Item:
File Status SizeFormat
PhD_LieselotVanDeun.pdf Published 2769KbAdobe PDFView/Open

 


All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.