ITEM METADATA RECORD
Title: The function of the mitochondrial rhomboid
Other Titles: functie van het mitochondriaal rhomboid
Authors: Rudka, Tomasz; S0104087
Issue Date: 14-Oct-2009
Abstract: Normal 0 false false false MicrosoftInternetExplorer4 <!-- /* Style Definitions */ p.MsoNormal, li.MsoNormal, div.MsoNormal {mso-style-parent:""; margin:0cm; margin-bottom:.0001pt; mso-pagination:widow-orphan; font-size:12.0pt; font-family:"Times New Roman"; mso-fareast-font-family:"Times New Roman"; mso-ansi-language:EN-GB;} @page Section1 {size:612.0pt 792.0pt; margin:72.0pt 90.0pt 72.0pt 90.0pt; mso-header-margin:36.0pt; mso-footer-margin:36.0pt; mso-paper-source:0;} div.Section1 {page:Section1;} --&gt; /* Style Definitions */ table.MsoNormalTable {mso-style-name:"Table Normal"; mso-tstyle-rowband-size:0; mso-tstyle-colband-size:0; mso-style-noshow:yes; mso-style-parent:""; mso-padding-alt:0cm 5.4pt 0cm 5.4pt; mso-para-margin:0cm; mso-para-margin-bottom:.0001pt; mso-pagination:widow-orphan; font-size:10.0pt; font-family:"Times New Roman"; mso-ansi-language:#0400; mso-fareast-language:#0400; mso-bidi-language:#0400;} Romboïden, evolutionair geconserveerde integrale membraan proteasen, nemen deel aan cruciale signaalcascaden. Presenilin-associated rhomboid-like (PARL) is een homoloog van de Drosop hila melanogaster Rhomboid-7 eiwit. PARL is geïdentificeerd in een yeast-two-hybrid screen als een in teractor van Preseniline-1 en -2 – die het actieve centrum van het &#947;-se cretase complex bevatten. Parl&#8722;/&#8722; muizen, gegenereerd in ons laborator ium, worden met een normale Mendelianse frequentie geboren en ontwikkelen zonder sto ornissen tot 4 weken. Daarna vertonen ze ernstige groeiachterstand. Alle dieren s terven na 8 tot 12 weken, waarschijnlijk als gevolg van motorische afwijkingen, ad emhalingsproblemen en algemene cachexie. Noch ontwikkelingsproblemen die wijzen op Presenil ine dysfunctie, noch veranderingen in verwerking van amyloïde voorlopereiwit (APP) door het &#947;-secretase complex werden waargenomen. Bovendien kon den de originele co-immunoprecipitatie experimenten niet herhaald worden en dus hebben wij geconcludeerd dat de gerapporteerde interactie hoogst waarschijnlijk gebeurt in niet-fysiolog ische omstandigheden. Wij hebben daarom besloten dat Parl moet worden benaderd als een eiwit van onbekende functie, die we in deze thesis probeerden te bes chrijven. Ten eerste hebben we de expressie, localisatie, en de verwerking van Parl onderzocht. Uit onze resultaten bleek dat Parl een algemeen tot expressie gebracht mitochondriaal eiwit is. Vervolgens hebben we gep robeerd om de afwijkingen in Parl&#8722;/&#8722; muizen te beschrijven door de oorzaak van de daling van het aantal celle n in thymus en milt te onderzoeken. In dit werk hebben we aangetoond dat de atrofie wordt veroorzaakt door toegenomen apoptose, zowel in- als ex vivo. In het algemeen, lijken Parl&#8722;/&#8722; cellen gevoeliger t e zijn voor apoptose die via de intrinsieke, mitochondriale weg geïnduceerd is. Vanuit mechanistisch oogpunt, lijkt Parl deel te nemen aan het mechanisme dat ‘ cristae hermodellering’ en ‘cytochroom c herverdeling’ onder controle houdt tijd ens apoptose. Verder hebben we een eventuele tekortkoming in de functie van een mogelijke Parl substraat onderzocht, met name van het dynamin-gerelateer de mitochondriaal eiwit Opa1. Hoewel Parl&#8722;/&#8722; cellen een normale mitochondriale morfologie hebben en net zoals wildtyp e cellen mitochondriale fusie vertonen na Opa1 overexpressie, zijn ze niet langer beschermd tegen intrinsieke apoptotische stimuli. Parl&#8722;/&#8722; mi tochondriën vertonen verlaagde niveaus van een oplosbare vorm van Opa1, die zich in de intermembranaire ruimte van de mitochondrïen (IMS) bevindt. Deze vorm hangt af van de catalytische acti viteit van Parl. Opa1, dat specifiek naar de IMS getransporteerd wordt, herstel t defecten die worden waargenomen in Parl&#8722;/&#8722; cellen, wat het belang onderstreept van Parl in Opa1 verwerking. We hebb en ook de mogelijkheid van het bestaan van andere Parl substraten onderzocht, maar we waren niet in staat om de voorgestelde klieving van Omi/HtrA2 of Pink1 te beve stigen. We hebben ook een screen van het proteoom gedaan met de COFRADIC methode om potentiële substraten te identificieren. Deze aanpak leverde de identifi catie van één mitochondriaal eiwit – C3orf1 – op, toch waren we niet in s taat om een Parl-afhankelijke splitsing aan te tonen. Dit werk is het eerste verslag van de biologie van een mitochondriaal rh omboïd protease in zoogdiercellen. Onze bevindingen impliceren een functie voor geregelde intramembranaire proteolyse in de controle van apoptose.
Publication status: published
KU Leuven publication type: TH
Appears in Collections:Department of Human Genetics - miscellaneous

Files in This Item:
File Status SizeFormat
Rudka manuscript 478.pdf Published 2775KbAdobe PDFView/Open Request a copy

These files are only available to some KU Leuven Association staff members

 




All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.