ITEM METADATA RECORD
Title: De Winnaars en verlierzers van het collectief overleg
Authors: Goos, Maarten
Issue Date: Oct-2008
Publisher: KULeuven CES - Discussion paper series 08.124
Abstract: De Wet op het Concurrentievermogen van 1996 bepaalt dat de gemiddelde loonkost in België niet sneller mag stijgen dan de gemiddelde toename in Duitsland, Frankrijk en Nederland. In de praktijk zijn werkgevers en werknemers het oneens over de mate waarin de Wet op het Concurrentievermogen moet worden toegepast.

Het is echter gevaarlijk ons blind te staren op deze wet. Het is alsof je het aantal dodelijke verkeersslachtoffers in België wil beperken door het doen dalen van de maximumsnelheid in functie van de daling van de maximumsnelheid in onze buurlanden. Bijvoorbeeld, stel dat de maximumsnelheid in Nederland daalt van 100 km/uur naar 80 km/uur. In navolging daalt ook de maximumsnelheid in België met 20 km/uur, van 200 km/uur naar 180 km/uur. Zou iemand nu durven beweren dat Belgische wegen even veilig zijn dan de Nederlandse?

Net zoals er verschillen bestaan in de maximumsnelheid, bestaan er ook structurele verschillen in het sociaal overlegmodel tussen landen. Zo hebben centrale loonafspraken in België geleid tot minder inkomensongelijkheid in vergelijking met onze buurlanden. En een beperking van de inkomensongelijkheid betekent een hogere loonkost voor werknemers in laagbetaalde sectoren of regio’s en een lagere loonkost voor werknemers in hoogbetaalde sectoren of regio’s.

Bijvoorbeeld, de loonkost voor laaggeschoolde arbeid in België ligt 1.6 procent hoger dan in Nederland, 4% hoger dan in Duitsland, 9.4% hoger dan in het VK en 12.2% hoger dan in de VS. Deze loonkostenhandicap is structureel en moet worden opgeteld bij de loonkostenhandicap die is ontstaan door de niet naleving van de Wet op het Concurrentievermogen. Maar de beperking van de inkomensongelijkheid door centrale loonafspraken hebben ook geleid tot een minder snelle toename in de loonkosten voor hooggeschoolde arbeid. Indien België het sociaal overleg model zou toepassen van Nederland, zouden de lonen voor hooggeschoolde werknemers toenemen met 3.7%. Indien het overlegmodel van Duitsland, het VK of de VS zou worden gevolgd, zouden de inkomens voor hooggeschoolde werknemers stijgen met 9.6%, 24.7% of 33.7%.

Dit betekent dat in België de belangen van werkgevers en werknemers niet evenredig worden vertegenwoordigd in het collectief overleg. Zelfs indien de Wet op Concurrentievermogen naadloos zou worden toegepast, vindt er impliciet een transfer plaats van hoogbetaalde naar laagbetaalde inkomens en van werkgevers in sectoren of regio’s met lage lonen naar werkgevers in sectoren of regio’s met hoge lonen. Bijgevolg verergert het sociaal overlegmodel de werkloosheidsproblemen bij laaggeschoolden en de relatieve krapte aan hooggeschoolden in België.
Publication status: published
KU Leuven publication type: IR
Appears in Collections:Research Center of Monetary and Information Economics, Leuven

Files in This Item:
File Description Status SizeFormat
LES 124 - MG - De winnaars en verliezers van het collectief overleg_def.pdf Published 162KbAdobe PDFView/Open

 


All items in Lirias are protected by copyright, with all rights reserved.